Koraal

Dag jongen,

Met geklemde vuistjes stond je naar het kruidenrek te staren. Als er al iets gebeurde, was dat in je hoofd. Ik keek naar jou en jij keek naar.. waarnaar, eigenlijk? Je lijfje stond in onze keuken, maar jij was ergens anders.

Als kind hield ik erg van dagdromen. Ik kon een ruimte in gezogen worden tot ik compleet verdween en werd opgenomen door de omgeving. Ik keek niet alleen naar de ruimte, ik versmolt ermee. Het was mijn manier om de wereld te begrijpen. Ook nu gebeurde het, heel kort: ik werd gedroogde dille en vermaalde paprika, al zag ik ze enkel door jouw ogen.

Vaak komt het niet meer voor en als het passeert, kan ik het niet meer vasthouden. Slechts een milliseconde zit ik in die onbevangenheid en dan neemt de kennis het over; dan weet ik weer waarnaar ik kijk. Er ontstaat een afstand. Cees Nooteboom schreef over de ruimte die zich tussen de waarnemer en het object bevindt en hoe vaak die onzichtbaar blijft. Als kind leek die ruimte te verdwijnen, nu rest er niets anders.

Onlangs pikte ik bij je Nona een paar minuten van een natuurdocumentaire mee. Een camera was rond de nek van een arend bevestigd en filmde het landschap waarover hij vloog. Berg en dal werden afgevlakt, bossen waren variaties van groen. Even was het adembenemend (wie droomt nooit over vliegen), maar het verveelde even snel. Op zo’n hoogte vervallen de details. Er is te veel ruimte en die ruimte vergt snelheid.

Ik hou meer van de traagte. Koraal. Een werkgever vroeg me ooit welk dier ik zou willen zijn en ik antwoordde: koraal. Toen koppelde ik het aan een drang naar kennis. Koraal was een mens die steeds meer groeide naarmate de kennis toenam. Ondertussen weet ik beter.

Ik ben een trage denker. De dingen die ik zie, dringen pas laat tot me door. Tegelijkertijd heb je steeds meer ruimte ter beschikking en valt er zoveel meer te ontdekken. Alles moet steeds sneller gaan en ik loop zaken mis. Ik zie niet alles meer. De tijd voor dagdromen verdwijnt.

Mijn wens om koraal te zijn, was geen verlangen naar kennis, maar naar de traagte. De stationaire uitbreiding zouden me zelf laten bepalen hoe groot mijn ruimte zou worden. Op termijn zou ik alles ontdekken. De expansiedrang is een queeste, niet naar het weten, maar naar de verwondering. Steeds opnieuw, een heel klein stukje.

We zijn jammer genoeg geen koraal of arend. We moeten het doen met de wereld die we krijgen. Jij staarde naar het kruidenrek en ik naar jou en allebei deden we niets anders dan groeien.

Liefs,

je papa

Zoveel ruimte

3 gedachtes over “Koraal

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s