Herinneren

Dag jongen,

Een tijdje terug zat ik bij de live-versie van Winteruur. Een kwartier lang praatte Wim Helsen met iemand over zijn of haar favoriete tekst. Een van de gasten was schrijver Paolo Giordano. Ik las nog niets van de man, maar je mama wel en zij kreeg een nieuw boek van hem waarin ze maar niet begint en ik wilde het voor haar laten signeren, als extra motivatie. Daarom zat ik daar.

Giordano had gekozen voor het begin van De Behouden Tong van Elias Canetti.

De jonge, Italiaanse schrijver had die passage bij, omdat er werd gespeeld met kleur (rood) en angst (een man die de kleine Canetti bedreigt met een mes). Voor Giordano zijn herinneringen, zeker die vroegste, gelinkt aan een kleur (sfeer), bij hem: blauw en de schrik voor iets. Ik ben een fan van de Hongaar, dus luisterde ik geboeid. Of toch voor even..

Wat wit is, is niet altijd suiker.

Heel de zaal vroeg zich af wat hun eigen eerste herinnering was, dat zag Giordano goed. Ook ik liet me vangen en droomde weg en daalde af naar wat zich als eerste in mijn geheugen had gebeiteld. Was het een schunnige passage als kleuter in het bos achter de fruitwinkel van S.? Waspoeder eten bij juf Mia? Of was het toch die onzinnige gedachte dat ik in de buggy zit voor het ouderlijke huis -dat dan wordt gebouwd- , en dat mijn grootvader me vertelt dat dit mijn nieuwe thuis zal worden? Ik zou twee geweest moeten zijn: het huis werd in 1986 opgetrokken. Twee is veel te jong voor een herinnering.

Het heeft voor mij altijd iets vreemds gehad, het verleden herinneren. Vele zaken waarvan ik nu zeg dat ik ze onthouden heb, kunnen net zo goed verhalen van anderen zijn, of scènes die gefantaseerd zijn bij oude foto’s. De scheiding is vaak erg dun. Andere momenten waarvan ik zeker ben dat ik ze meemaakte, zijn dan weer te triviaal om als herinnering door te gaan.

Eentje gaat als volgt: ik zie mezelf als pinguïn, tussen andere verklede pinguïns, in de gang bij de nonnetjes. De juf is zenuwachtig. Ze duwt ons, zachtjes maar aanhoudend, in ordelijke rijen. We wachten op het signaal dat we naar buiten mogen en onze ‘danspasjes’ moeten herhalen voor honderden ouders die staan te wachten. Er is hier geen kleur, zoals Giordano zegt, maar wel angst. Angst omdat we in een gang staan die we doorheen het schooljaar nooit mochten begaan, een soort heilige gang. Angst omdat ik niet weet of ik de danspasjes zal kunnen onthouden en angst omdat ik niet wil dat er naar mij gekeken wordt. Terwijl ik dit schrijf, duikt er toch een kleur op: woestijngeel. Was de nonnengang in die kleur betegeld?

Waarom heb ik zoiets onthouden? Kan ik hier ooit zekerheid over krijgen?

Wat zal jij onthouden?

Je slaapt erg moeizaam tegenwoordig. Je was voorlopig nog geen goede slaper, maar nu lijkt het erger te zijn. Misschien zijn je mama en ik te moe om er goed mee om te gaan en heb je nog steeds hetzelfde helse patroon. Dat is niet helder meer.

Als het over slapen en baby’s gaat, dan zijn er twee kampen: 1. laat de baby huilen; 2. troost de baby als hij erom vraagt. Kamp 1 noemt baby’s uit het tweede kamp al gauw verwend. Kamp 2 heeft het over trauma’s die een baby oploopt wanneer het huilen genegeerd wordt.

Soms laat ik je vijf minuten huilen, nooit langer. Ik kan geen kamp kiezen.

E. Canetti, De Behouden Tong

Ik probeer het te vermijden om bij jou een slechte herinnering te kweken. Eentje waarbij je bang wordt voor het donker, eenzaam en verlaten. Tegelijkertijd hoed ik me voor mijn eigen welzijn, de korte nachten. Dus ik praat op je in, ik vertel je dat ik er ben en dat ik je hoor. Je moet maar piepen en ik zal er staan.

Met taal probeer ik wat je voelt om te keren, ook al begrijp je me niet.

Misschien is dat wat taal moet doen: herinneringen omdraaien. Misschien hou ik daarom zo van boeken, omdat ze me momenten laten beleven die nooit gebeurd zijn, omdat ze mijn gevoel aantasten, verbeteren, versterken of net afzwakken.

Als ik die gedachte volg, dan is het belangrijker om je een taal aan te reiken waarmee jij aan de slag kan. Taal als middel om de wereld te veranderen.

In De Behouden Tong is Canetti al een oude man wanneer hij tijdens een gesprek met zijn moeder ontdekt dat zijn herinnering waar is. Er was écht een rood hotel en een ietwat vreemde man die met hem en de tong dolde. Het vergde alleen erg veel jaren en een “behouden tong” (tong –> langue –> taal) eer hij dat onder ogen kon zien en hij zijn angst kon plaatsen.

Ik kan niet beletten dat je bang wordt, dat een zandkleurige gang je omhelst terwijl jij in een zelfgemaakt pak je angst onder ogen kijkt, maar ik zal met je praten. Samen zullen we op zoek gaan naar jouw herinneringen en als dat ooit niet meer mocht lukken, weet dan dat er boeken zijn.

Uiteindelijk liet ik Giordano’s meest recente niet signeren. Je mama houdt niet van gehandtekende boeken en ik had geen tijd. Ik zat even terug in de kleuterklas en proefde de smaak van waspoeder op mijn tong. Daarna werd ik een pinguïn.

Jongen verkleed als pinguïn.

Liefs,

Je papa.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s